Geworteld in oneindigheid

Het begint en eindigt ergens middenin

Abstracte bomen in kleurrijk landschap – Naastenliefde, acryl op linnen 300 x 200 cm, Crealisme door Ad van den Boom

Jaren ben je bezig. Maken, opnieuw maken, weggooien of wegleggen. Is het goed genoeg, kan het beter of kan het beter verdwijnen? Dat is het proces. Er is geen deadline en niemand dwingt je om iets te maken. Je bent je eigen opdrachtgever, je eigen criticus en je eigen voorbeeld. Je weet niet precies waar je naartoe werkt. Je maakt omdat je wilt maken en omdat je geniet van wat er tijdens het maken ontstaat. Het proces is het uitgangspunt, niet het middel om een vooraf bepaald doel te bereiken.

In het zakenleven is dat anders. Mensen hebben doelen nodig, deadlines, bazen en klanten die vandaag resultaat willen zien. Er wordt een plan gemaakt en aan het einde moet er iets liggen dat aan de verwachtingen voldoet.

Kunst laat zich niet op die manier plannen.

Je kunt jarenlang werken zonder te begrijpen waarom je steeds opnieuw dezelfde vormen, kleuren of onderwerpen gebruikt. Je volgt je gevoel, legt iets weg en begint opnieuw. En dan, ooit ergens in de tijd, vallen de stukjes in elkaar. Niemand kan dat moment plannen. Niemand ziet het aankomen. Jij als maker al helemaal niet.

Exposities Bezoekers bezoeken de stand van Ad van den Boom met bezoekers die kleurrijke schilderijen bekijken van bomen en abstracte vormen binnen het concept CrealismeBij mij gebeurde dat door een vraag van een curator op een kunstbeurs.

‘Waar kijk ik eigenlijk naar?’ vroeg een curator mij op een kunstbeurs.
‘Waar denkt u dat u naar kijkt?’ vroeg ik hem.
‘Ik zie twee bomen op een groot doek. In hun kruinen zie ik honderdduizenden puntjes. Maar ik zie nog iets. Dit is niet zomaar een schilderij. Ik voel een idee. Ik kijk naar een concept. Kunt u daar meer over vertellen?’

Op een beurs is dat geen gemakkelijke vraag. Om helemaal eerlijk te zijn, dwong zijn vraag mij opnieuw te kijken naar wat ik eigenlijk aan het maken was.

Van een afstand vormen de duizenden geschilderde punten samen de kruinen van bomen. Het zijn bladeren. Kom je dichterbij, dan valt het beeld uiteen en wordt ieder puntje iets afzonderlijks. Zonder die afzonderlijke punten bestaat de boom niet. Tegelijk krijgt ieder puntje pas betekenis als onderdeel van het geheel.

Een pagina vol met handgeschreven tekst met in het midden een zin. De tekst stelt het heelal voor, de zwarte materie. Het verhaal gaat over het leven over 500 jaar.Terug in de tijd

In 2015 maakte ik De zon, een handgeschreven brief aan iemand die vijfhonderd jaar na mij leeft. Ik schreef over oorlog, geloof, vernietiging en de hoop op een betere wereld. Over alles wat in de loop van vijf eeuwen zou kunnen verdwijnen. De zon was de enige zekerheid: dezelfde zon die voor mij scheen, zou ook voor die onbekende mens in de toekomst schijnen. Midden in de tekst schilderde ik haar als een grote, gloeiende punt.

De volgende stap in mijn bewustwording ontstond door een artikel van journalist en boomliefhebber Wim Eikelboom. Hij schreef over de dikste boom van Nederland, die na eeuwen was gestorven. Naar aanleiding van zijn verhaal maakte ik Verdwijnen in oneindigheid: een vrijwel kale boom die langzaam lijkt op te lossen in het wit.

Maar wat verdwijnt er wanneer een boom sterft?

De boom verdwijnt uit het landschap, maar leeft verder in wat hij heeft voortgebracht, in de mensen die hem hebben gekend en in de verhalen die over hem worden verteld. Wims artikel werd de aanleiding voor mijn werk. De dood van één boom bracht nieuwe verhalen voort.

Misschien werk ik daarom al die jaren met punten. Ieder punt staat op zichzelf, maar maakt tegelijkertijd deel uit van iets wat groter is. Zoals een blad deel uitmaakt van een boom, een boom van een landschap en een mens van een geschiedenis die al vóór hem begon en na hem verdergaat.

De vraag van de curator gaf mij geen afgerond antwoord. Hij liet mij wel zien dat werken die ik in verschillende jaren en vanuit verschillende aanleidingen maakte, mogelijk uit hetzelfde verhaal zijn ontstaan.

In mijn atelier ging ik op zoek naar werken die al bestonden, maar nog geen titel hadden. Werken die er waren zonder dat ik precies wist waarom. Ik had ze gemaakt omdat ik mijn gevoel volgde.

Een van die werken bestond uit blauwe cirkels. Achteraf herkende ik daarin de jaarringen van een boom. Wij zijn gefascineerd door de lijnen waaruit we kunnen aflezen hoe oud een boom is. Maar iedere ring vertelt ook wat wij niet kunnen zien: jaren van overvloed en droogte, van groei en stilstand, van beschadiging en herstel. Alles wat de boom heeft doorstaan, blijft in zijn stam aanwezig. Niets wordt uitgewist. Iedere nieuwe ring groeit verder rond alles wat eraan voorafging.

In mijn hoofd is er geen absoluut begin en ook geen definitief einde. Het begint en eindigt ergens middenin.

Het idee voor De afstammeling ontstond vanuit de onrust in de wereld en het Bijbelse verhaal over de boom, Adam en Eva en de erfzonde. Ik vroeg mij af hoe de wereld eruit zou hebben gezien wanneer mensen zich niet hadden laten leiden door schuld en vergelding, maar door het goede in zichzelf.

Misschien ligt de werkelijke zonde niet alleen in iets verkeerds doen. Misschien ligt zij ook in het nalaten van het goede.

Een afstammeling draagt de geschiedenis van zijn voorgangers met zich mee, maar hoeft die geschiedenis niet te herhalen. In ieder nieuw leven ligt de mogelijkheid om een andere keuze te maken. Wat voorbij is, blijft aanwezig, maar bepaalt niet volledig wat daarna komt.

Begin en eind ineen

Dat brengt mij bij Geworteld in oneindigheid. Een sculptuur die ontstond vanuit één doorgaande beweging. Vanuit een stam groeit een lijn omhoog, buigt af, keert terug en zoekt opnieuw de ruimte. De vorm probeert de oneindigheid niet te bewijzen. Hij verbeeldt hoe energie en leven zich kunnen voortzetten in een andere vorm.

Misschien is dat wat ik in mijn atelier zocht: niet het eeuwige leven van één boom of één mens, maar datgene wat door een leven wordt doorgegeven. Energie, liefde, herinneringen, verhalen en nieuwe mogelijkheden. We beginnen niet aan het begin en eindigen niet aan het einde. We verschijnen ergens midden in een beweging die al bestond en na ons verdergaat.

Uiteindelijk bracht die zoektocht mij terug bij het grote schilderij met de twee bomen waarmee dit verhaal begon: Naastenliefde. Duizenden afzonderlijke punten vormen samen twee levende kruinen. Geen enkel punt kan het beeld alleen dragen. Juist in hun verbondenheid ontstaat het geheel.

Misschien is dat de oneindigheid van een stip. Op zichzelf is zij bijna niets, maar alles kan ermee beginnen. Van dichtbij is zij een afzonderlijk teken. Van een afstand wordt zij een blad, een boom, een mens of een wereld.

En van heel ver weg is zelfs de zon niet meer dan een stip.

Dezelfde zon scheen voor de mensen die vóór ons leefden. Zij schijnt vandaag voor ons en zal schijnen voor mensen die wij nooit zullen kennen. De zon vraagt niet waar een leven begint of waar het eindigt.

Zij schijnt.